Brakel verwacht niet alleen een toekomstige bekering van de Joodse natie. Hij verwacht ook een terugkeer naar het land.

Dat is belangrijk om zonder moderne projectie vast te stellen: hij schreef dit eeuwen vóór 1948. Zijn redenering ontstaat uit zijn lezing van de profeten, niet uit een reactie op de moderne staat Israël.

Zijn vraag is letterlijk geografisch

In paragraaf 32 vraagt Brakel of de Joodse natie uit de volken waaronder zij verstrooid is opnieuw verzameld zal worden, in Kanaän zal wonen en Jeruzalem herbouwd zal worden. Zijn antwoord luidt dat hij gelooft dat dit zal gebeuren.

Maar hij trekt meteen grenzen. Hij verwacht géén herstel van de oude tempeldienst alsof de voorafbeeldende ceremoniën na Christus opnieuw hun vroegere functie moeten krijgen. Ook wijst hij fantasieën over wereldheerschappij af.

Deuteronomium 30

Brakel verbindt terugkeer tot God, besnijdenis van het hart, verzameling uit de volken en terugkeer naar het land in één toekomstige beweging. Zijn argument is dat de volle combinatie volgens hem niet in de terugkeer uit Babel is uitgeput.

Amos 9

Bij Amos benadrukt hij het planten in het land en de belofte niet opnieuw uitgerukt te worden. Omdat Israël na de Babylonische terugkeer later opnieuw uit het land verdreven werd, concludeert Brakel dat hij nog een verdere vervulling verwacht.

Ezechiël 37

Ook Ezechiël 37 brengt voor hem ziel en lichaam, geloof en land samen: verzameling uit de volken, wonen in het land, één Herder en “David” als Koning. Brakel identificeert deze David christologisch met de Messias. Juist daarom ziet hij landherstel en Messiaanse gehoorzaamheid niet als twee losstaande gebeurtenissen.

Jesaja 62 en Zacharia 2

Deze teksten gebruikt hij als aanvullende getuigen van herstel van Sion en Jeruzalem. Vervolgens behandelt hij onder meer Daniël 9 als tegenwerping. Zijn antwoord is dat de daar aangekondigde verwoesting het einde van het toenmalige Jeruzalem betreft, niet een uitspraak dat er na die verwoesting nooit meer herstel kan zijn.

Wat dit níét bewijst over vandaag

Hier is een redactionele grens noodzakelijk. Dat Brakel een toekomstige terugkeer verwacht, betekent niet dat iedere handeling of grens van de huidige staat Israël daardoor theologisch gelegitimeerd is. Brakel kende onze politieke constellatie niet. Een Bijbelse landbelofte en de beoordeling van modern staatsbeleid zijn verschillende vragen die niet zonder argumentatie samengevoegd mogen worden.

Wat wél vaststaat voor deze studie: Brakel spiritualiseert de landteksten niet volledig weg. Hij verwacht zowel bekering als een concrete toekomstige woonplaats in het aan de vaderen beloofde land.

En wat moeten christenen daarmee?

Brakel eindigt verrassend pastoraal. Hij wil niet dat de lezer deze dingen alleen “weet”. De verwachting moet een houding vormen. Zijn laatste paragraaf wordt daarom het slot van onze serie.